Waarom in 2015?

In 2015 is het vijftig jaar geleden dat toenmalig minister Den Uyl namens de Nederlandse regering aankondigde de kolenwinning in Nederland te stoppen.

In acht jaar tijd, van 1967 tot 1974, sloten de Limburgse mijnen één voor één hun poorten. De Oranje-Nassau I was de laatste in de rij. Eén schacht van de mijn is nog te vinden bij het voormalige CBS-gebouw – sinds 2005 biedt het onderdak aan het Nederlands Mijnmuseum.

Minister Den Uyl spreekt in Stadsschouwburg Heerlen, 17 december 1965Minister Den Uyl spreekt in Stadsschouwburg Heerlen, 17 december 1965

Symbolische betekenis

De redevoering van Den Uyl kreeg voor de inmiddels voormalige mijnstreek een symbolische betekenis. Niet alleen markeerde dat moment in de schouwburg het einde van een tijdperk. Met Den Uyl had de mijnstreek ook een personificatie van het sluitingstrauma. De belofte die Den Uyl maakte voor vervangende werkgelegenheid kon niet worden waargemaakt. Daarmee werd de staatsman de personificatie van het sluitingstrauma: de mijnen sloten veel te snel, en werk was er niet.

Het is in 2015 niet de eerste keer dat de redevoering wordt aangegrepen om stil te staan bij het mijnverleden. In 2005 werd het moment uitbundig gevierd – of herdacht, daar waren de meningen over verdeeld – met een symposium over de mijnstreek anno 2005 én met een feestelijk eerbetoon aan oud-mijnwerkers in de Royal in Heerlen. Tien jaar eerder, in 1995, is een symposium georganiseerd over de economische ontwikkeling van de mijnstreek, na de herstructurering. Te gast was onder meer Ruud Lubbers. De aanleiding om het Jaar van de Mijnen in 2015 te organiseren is de redevoering van Den Uyl, of liever gezegd de aankondiging van de sluiting.

Aflevering over de mijnsluiting in Limburg door Andere Tijden